Ga meteen naar de inhoud
Ga naar het identificatieformulier

Vlaamse steun bij aanwerving van een persoon met een arbeidshandicap

De Vlaamse regering heeft grote schoonmaak gehouden in alle besluiten betreffende de steunmaatregelen voor werkgevers die een persoon met een (arbeids)handicap in dienst nemen en een nieuw besluit uitgevaardigd dat al deze maatregelen onder een nieuwe noemer verzamelt[1].

De nieuwe reglementering is in werking getreden op 1 oktober 2008. Voor de werkgevers die nu reeds van een steunmaatregel genieten, gelden overgangsbepalingen.

Voor welke werkgevers?

De werkgevers die voor de steunmaatregelen in aanmerking komen, zijn:

  • de natuurlijke of rechtspersonen die een werknemer met een arbeidshandicap aanwerven of aangeworven hebben;
  • de onderwijsinstellingen die een werknemer met een arbeidshandicap aanwerven of aangeworven hebben;
  • de provincies, gemeenten, OCMW's en de door hen opgericht verzelfstandigd agentschappen of verenigingen die een werknemer met een arbeidshandicap aanwerven vanaf 1 oktober 2008.

De beschutte werkplaatsen komen niet in aanmerking. Voor zelfstandigen en uitzendkantoren gelden aparte regels.

Voor welke werknemers?

Personen met een arbeidshandicap zijn diegene met een langdurig en belangrijk probleem van deelname aan het arbeidsleven omwille van een samenspel tussen functiestoornissen van mentale, psychische, lichamelijke of zintuiglijke aard, beperkingen bij het uitvoeren van activiteiten en persoonlijke en externe factoren.

De personen die onder deze definitie kunnen vallen, zijn in concreto:

  • de personen met een handicap, erkend door het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap;
  • de personen die gewezen leerling van het buitengewoon onderwijs zijn en die hoogstens een getuigschrift of diploma behaald hebben in het buitengewoon onderwijs;
  • de personen die op basis van hun handicap in aanmerking komen voor een inkomensvervangende tegemoetkoming op integratietegemoetkoming;
  • de personen die in het bezit zijn van een afschrift van een definitief geworden gerechtelijke beslissing of van een attest van een bevoegde federale instelling waaruit een blijvende graad van arbeidsongeschiktheid blijkt;
  • de personen die recht geven op een bijkomende kinderbijslag of personen die recht hebben op een verhoogde kinderbijslag voor hun kind of kinderen ten laste als ouder met een handicap;
  • de personen die een invaliditeitsuitkering ontvangen;
  • de personen met een attest van een door de VDAB aangewezen dienst of arts.

De VDAB bepaalt of deze personen ook daadwerkelijk als personen met een arbeidshandicap beschouwd worden.

Welke maatregelen?

Tegemoetkoming in de kosten voor de aanpassing van de arbeidspost

De werkgevers die de arbeidspost aanpassen aan de werknemer met een arbeidshandicap, kunnen de kosten voor deze aanpassing terugvorderen van de VDAB.

De tussenkomst van de VDAB dekt uiteraard enkel de werkelijke kosten en geldt enkel voor zover die kosten niet gemaakt hadden moeten worden bij de aanwerving van een valide werknemer.

De werkgever die op deze tegemoetkoming aanspraak wil maken, moet:

  • aantonen dat de aanpassing van de arbeidspost niet gebruikelijk is in de beroepstak waarin de persoon met een arbeidshandicap werkt of opleiding volgt, en rechtstreeks noodzakelijk is voor de uitoefening van de beroepsactiviteit;
  • zich ertoe verbinden de persoon met een arbeidshandicap van wie de arbeidspost werd aangepast, gedurende minstens 6 maanden in dienst te houden;
  • zich ertoe verbinden de aangepaste arbeidspost in de toekomst bij voorrang te reserveren voor andere personen met een arbeidshandicap;
  • zich ertoe verbinden om de aanpassing waarvoor hij een tegemoetkoming kreeg, niet in te brengen als beroepskosten in de belastingaangifte.

VOP

De beoogde werkgevers die een werknemer met een arbeidshandicap aanwerven, hebben recht op een Vlaamse Ondersteuningspremie (VOP). Deze premie is bedoeld als tussenkomst in de loonkost van de werknemer met een arbeidshandicap en bedraagt[2]:

  • 40% van het referteloon[3] tijdens het kwartaal van aanwerving en de 4 volgende kwartalen;
  • 30% van het referteloon vanaf het 6de kwartaal tot en met het 17de kwartaal;
  • 20% van het referteloon tijdens de rest van de tewerkstelling bij de werkgever.

De werkgever mag evenwel:

  • geen andere werknemer ontslaan met de uitsluitende bedoeling ze te vervangen door een werknemer die recht geeft op een VOP;
  • geen werknemer met een arbeidshandicap ontslaan met de uitsluitende bedoeling hem daarna weer aan te werven om een VOP of een hogere VOP te verkrijgen.

Sancties

Wanneer de werkgever de voorwaarden voor het verkrijgen van de steunmaatregelen niet naleeft, wordt de betaling ervan geschorst en kan de VDAB eventueel overgaan tot terugvordering van de onterecht verkregen steun.

Aanvragen en info?

De aanvraag voor de tegemoetkoming in de kosten voor de aanpassing van de arbeidspost evenals de aanvraag voor de VOP worden bij de VDAB ingediend. Dit kan telefonisch via het nummer 0800/30 700, online via de website of via de werkwinkel in de buurt.

Voor meer informatie over de steunmaatregelen voor de tewerkstelling van personen met een arbeidshandicap verwijzen we u naar de website van de VDAB.

[1] Besluit van de Vlaamse regering van 18 juli 2008, Belgisch Staatsblad van 3 oktober 2008.

[2] Op gemotiveerde aanvraag van de werkgever kan de VDAB een hogere tegemoetkoming geven, maar nooit meer dan 60% van het referteloon.

[3] Het referteloon wordt beperkt tot het dubbele van het GGMMI.

Bron: Sociaal Secretariaat Securex - Legal Department - 21/10/2008